Omroep MAX - text versie
|
|
|
|
|
|
 

Omroep MAX

COPD

COPD (chronische bronchitis en longemfyseem) is een aandoening van de longen en luchtwegen. Het hindert bij het ademhalen.
 

Wat is COPD?

 
 
COPD (Bron Astma Fonds)
 
De Engelse afkorting COPD staat voor Chronic Obstructive Pulmonary Diseases (chronische obstructieve longaandoeningen). COPD is een verzamelnaam voor longaandoeningen zoals chronische bronchitis en longemfyseem. Bij COPD zijn de luchtwegen vernauwd door een ontsteking. Bij een ernstige vorm zijn de longen beschadigd. Roken is vaak de belangrijkste oorzaak van deze beschadiging. Chronische bronchitis komt alleen voor bij volwassenen. Wanneer kinderen bronchitis hebben, komt dat meestal door een virusinfectie. 

In Nederland heeft 2% van alle mensen de diagnose COPD. De ziekte komt vooral veel voor bij ouderen (17% van de mensen boven de 80 jaar heeft COPD). Er komen in Nederland, net zoals in de rest van de wereld, meer mensen met COPD bij. 

Licht, matig en ernstig COPD
COPD kent verschillende fases. Van de mensen met COPD heeft ongeveer 80% licht of matig COPD; de anderen hebben ernstig of zeer ernstig COPD. Maar wanneer spreken we van licht en wanneer van ernstig COPD? Een indeling hiervoor die wereldwijd veel gebruikt wordt is de GOLD-indeling die gebaseerd is op longfunctieonderzoek.
 
Longfunctieonderzoek geeft aan hoe goed de luchtwegen en de longen (nog) werken.  Een belangrijk onderdeel daarvan is het meten van de maximale hoeveelheid lucht die u in één seconde kunt uitblazen. Dit heet de FEV1 en zegt iets over de vernauwing van uw luchtwegen. De GOLD-indeling vergelijkt deze uitslag met de gemiddelde uitslag van een gezond persoon van dezelfde leeftijd en geslacht (de voorspelde waarde).
 
De GOLD indeling ziet er als volgt uit: 

  • GOLD I - licht COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht is meer dan 80% van de voorspelde waard
  • GOLD II – matig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht ligt tussen de 50% en 80% van de voorspelde waarde
  • GOLD III – ernstig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht ligt tussen de 30% en 50% van de voorspelde waarde
  • GOLD IV – zeer ernstig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht is 30% of minder van de voorspelde waarde.

Bron: Astma Fonds

Tijd voor MAX heeft in de uitzending van maandag 4 januari 2010 aandacht besteed aan astma en COPD.
 
Naar boven
 

Heb ik COPD?

 
 
Bestel de COPD Pocket (Bron Astma Fonds)
 
Wanneer u rookt en vaak moet hoesten, is dit een teken dat er iets aan de hand is. Zeker wanneer u last hebt van het zogeheten ‘rokershoestje’ en daarbij soms slijm omhoog komt.
Veel mensen denken dat kortademigheid normaal is als ze ouder worden. Dat is zeker niet zo. Het ademvermogen gaat wel iets achteruit, maar de ademhaling moet ook op hoge leeftijd zonder problemen verlopen.

Herkent u één of meer van de volgende klachten?

  • Hoesten (ook een rokershoestje)
  • Benauwd 
  • Piepende ademhaling 
  • Vermoeid (bij inspanning) 
  • Longinfecties, longontstekingen 
  • Slijm ophoesten

Ja? En bent u veertig jaar of ouder en (ex-)roker? Overleg dan met uw huisarts. Deze kan beoordelen of u COPD hebt of niet. Hoe eerder u erbij bent, hoe beter.
 
Naar de dokter
Lichamelijk onderzoek geeft allereerst meer duidelijkheid. Uw arts luistert met een stethoscoop naar uw longen en bestudeert onder meer uw neus-, mond- en keelholte. Voor een nog beter beeld, ook van prikkels die benauwdheid kunnen opwekken, is nader onderzoek nodig.
 
Longfunctiemeting
Om vast te stellen of u COPD heeft en te bepalen in welke mate u dit zou kunnen hebben, kan een arts een longfunctiemeting voorstellen. Tijdens deze test blaast u in een apparaat dat onder andere meet hoeveel lucht u uitblaast. Als dit veel minder is dan normaal, weet de arts dat uw longen niet goed genoeg werken. Als blijkt dat dit door COPD komt, bepaalt de arts ook hoe ernstig de COPD op dat moment is.
 
Uitgebreid onderzoek
Uw arts kan ook het effect van inspanning op uw ademhaling meten, bijvoorbeeld voor en na inspanningen als lopen of fietsen. Ook röntgenfoto’s geven meer informatie over de toestand van uw longen.
 
Test op internet
Op  www.copdtest.nl vindt u de COPD Zelftest. Hiermee kunt u zien of u mogelijk COPD hebt. Als u heel hoog scoort, is het verstandig naar uw huisarts te gaan.

Het Astma Fonds heeft een COPD Pocket uitgebracht. Deze is online te bestellen.
 COPD Pocket

 
Naar boven
 

Klachten bij COPD

Mensen met beginnend COPD hoesten veel. Het begint vaak met een zogeheten 'rokershoestje'. Daarbij wordt nogal eens slijm opgehoest. Sommigen hebben ook last van kortademigheid of een piepende ademhaling bij inspanning.

In het begin zijn de klachten van kortademigheid er alleen bij zware lichamelijke inspanning, zoals hardlopen, tegen de wind in fietsen of zwaar lichamelijk werk. Na verloop van tijd ontstaan ze geleidelijk ook bij bijvoorbeeld traplopen of stevig wandelen. Kortademigheid kan ook optreden bij activiteiten als wassen, aankleden, eten en soms zelfs in rust.

Mensen met ernstiger COPD worden vaker en heviger kortademig en vermoeid. Bij ernstig COPD moet het hart flink werken om het lichaam van zuurstof te voorzien. Soms wordt dat te zwaar voor het hart. Hierdoor kan de kortademigheid erger worden en ontstaat soms vocht achter de longen.

De klachten zijn niet altijd even erg: de meeste mensen hebben goede en slechte dagen. Daarnaast hebben veel mensen met COPD ’s nachts en ’s ochtends meer last dan op de rest van de dag.
 
Naar boven
 

Oorzaken van COPD

Bij COPD zijn de longen chronisch ontstoken en beschadigd. Hierdoor wordt het moeilijker om te ademen.

Een chronische ontsteking beschadigt de kleinste buisjes van de luchtwegen en de longblaasjes. De wanden van de luchtwegen worden slapper waardoor ze bij het uitademen gemakkelijk dichtvallen. Dit leidt tot kortademigheid. Het aantal longblaasjes neemt fors af. Er blijft steeds minder over van het 'reserveteam' dat nodig is bij inspanning. Bij lichamelijke inspanning is extra zuurstof nodig en iemand met COPD krijgt dan te weinig zuurstof. Hierdoor gaat hij sneller ademen en wordt kortademig. Het hart moet dan extra hard werken om het lichaam te laten functioneren.

Ontsteking door roken
De chronische ontsteking aan de luchtwegen, waar bij COPD sprake van is, meestal door roken. De binnenkant van de luchtwegen is bekleed met slijmvlies dat slijm aanmaakt. Tabaksrook veroorzaakt een ontsteking waarbij het slijmvlies opzwelt en meer slijm aanmaakt. Ook kunnen de spiertjes in de luchtwegen zich samentrekken. Beide maken het ademhalen een stuk moeilijker.
De ontsteking bij COPD maakt de luchtwegen ook meer prikkelbaar. Daardoor kan iemand snel kortademig worden van tabaksrook of koude lucht. Deze verhoogde prikkelbaarheid heet hyperreactiviteit. De luchtwegen worden dus nauwer door de ontsteking en in het ernstigste geval raken de longen blijvend beschadigd. De ontsteking bij COPD is geen griep of longontsteking. Deze ontstaan door een infectie met een bacterie of een virus. Ook  de klachten en de behandeling zijn anders dan bij COPD. Een infectie kan de ontsteking aan de luchtwegen wel verergeren.
 
Niet-allergische prikkels
Er zijn prikkels waarvan iedereen last kan hebben, zoals tabaksrook. Dit zijn niet-allergische prikkels  Bij mensen met COPD zorgen die prikkels ervoor dat de spiertjes in de luchtwegen  samentrekken. Dan worden zij kortademig. Voorbeelden zijn:

  • tabaksrook 
  • bak- en braadluchtjes 
  • stoffen als chloor en ammoniak 
  • weersomstandigheden, zoals mist, regen, vochtig weer, sterke temperatuurswisselingen of koude lucht 
  • verkoudheid en griep

Tabaksrook en andere niet-allergische prikkels kunnen de ontsteking verergeren. Tegen dergelijke prikkels kan het lichaam geen afweerstoffen.

 
Naar boven
 

Omgaan met COPD

Wanneer u ernstig beperkt wordt door COPD kunnen alledaagse handelingen al een hele inspanning zijn. Het scheelt een stuk wanneer u het wassen en aankleden doet op voor u gunstige momenten. In de ochtenduren zijn de klachten vaak het hevigst. Wanneer u dan teveel doet, kan het zijn dat u er de hele dag last van houdt. Probeert u handelingen in etappes te doen.

Krachten verdelen
Zorg de hele dag voor voldoende afwisseling tussen inspanning en rust. Vaak is het nodig om bewust te kiezen. Kijk welke activiteiten voor u het belangrijkste zijn en ga na wanneer u die het beste kunt doen. Als u bepaalde zaken zelf te zwaar vindt, overleg dan met huisgenoten of uw naaste omgeving. Blijf zelf doen wat haalbaar is, in uw eigen tempo. Beweging is belangrijk voor uw conditie. U kunt uw klachten verminderen door voor  een goede conditie te zorgen.
 
Bij ernstige kortademigheid is het soms moeilijk of onmogelijk om uw bovenarmen te bewegen. U gebruikt dan namelijk spieren die nodig zijn om adem te halen. Uw gezicht wassen kan dan moeilijker zijn dan naar de wc lopen. Wanneer  u iets wilt doen met uw handen, ondersteun dan de ellebogen.

Rechtop zitten maakt ademhalen gemakkelijker: dat geeft de longen en luchtwegen meer ruimte.

Tips voor wassen en aankleden
Probeer zelf na te gaan hoe u alledaagse handelingen zoals wassen en aankleden, het gemakkelijkst kunt uitvoeren.
Enkele tips: 

  • Zorg voor een temperatuur van 18 tot 21 graden in de slaap- en badkamer. In een koude kamer gebruikt het lichaam energie om u warm te houden
  • Adem regelmatig door, houd uw adem niet in
  • Adem uit wanneer u bukt of iets over uw hoofd trekt. Deze bewegingen zijn van invloed op de spieren die u bij het inademen gebruikt. Hierdoor kan inademen pijnlijk zijn bij deze bewegingen
  • Let op uw tempo. Neem voldoende tijd en las rustpauzes in
  • Blijf zoveel mogelijk zitten, hiermee spaart u energie. Zet bijvoorbeeld een krukje in de douche. Zorg ervoor dat alles binnen handbereik is
  • Buk en reik zo weinig mogelijk. Plaats bijvoorbeeld uw schoenen op een verhoging
  • Vermijd dat u langdurig uw armen optilt. Steun bij het haren wassen of kammen met uw ellebogen op uw knieën
  • Zorg voor een vaste volgorde bij het wassen en aankleden. Routine geeft meer rust. 

Neem een douche in plaats van een bad. Douchen kost minder energie dan uit bad klimmen.

Het Astma Fonds heeft een folder uitgebracht: COPD, wat nu? Bestel de folder online.
 COPD, wat nu?

 
Naar boven
 

Gevoelens en emoties

COPD gaat niet meer over. Het idee dat u nu moet leven met klachten en beperkingen en niet meer alles kunt doen wat u wilt, kan gevoelens van angst of boosheid oproepen.

Angst

Het gevoel niet genoeg lucht te kunnen krijgen kan zeer beangstigend zijn. Hierdoor durft u misschien nergens meer naartoe. U doet zichzelf daarmee tekort. Naar buiten gaan en dingen ondernemen zijn belangrijk. Angst mag u niet tegenhouden om te leven.
Als u benauwd wordt, is het belangrijk om niet in paniek te raken. U gaat dan onbeheerst ademhalen en de angst en benauwdheid worden alleen maar erger. Wanneer u bang bent voor kortademigheid, kan het rust geven als u weet wat u moet doen. Bespreek daarom met uw arts en partner wat u moet doen bij een aanval van benauwdheid.

Neerslachtigheid
COPD kan uw leven verstoren. Het maakt uw toekomst onzeker en kan ertoe leiden dat u uw werk moet opgeven. Soms kunt u hobby's en sporten niet meer uitoefenen. Hierdoor vallen ook sociale contacten weg. Het is niet vreemd dat u soms neerslachtig bent. Erover praten kan voorkomen dat u er zelf niet meer uitkomt. Neem zelf het initiatief, want een ander weet niet hoe u zich voelt.
 
Verlegenheid en schaamte
Piepende ademhaling of hoesten, maar ook verandering van uw uiterlijk kunnen schaamtegevoelens oproepen. De borstkas kan van vorm veranderen of uw huid verandert van kleur. Mensen die zuurstof gebruiken voelen zich verlegen met het zuurstofslangetje in hun neus. Schaamte en verlegenheid hebben grote invloed op de manier waarop iemand COPD beleeft en met anderen in contact treedt. Probeer deze schaamtegevoelens te doorbreken door dingen te doen die u leuk vindt. Soms is het gemakkelijker om samen met anderen iets te ondernemen.
 
Naar boven
 

Invloed op de omgeving

Ernstig COPD beperkt u, maar legt ook een zware druk op partners en andere gezinsleden. Zij moeten de ziekte verwerken en een plaats geven in hun eigen leven. Ze worden naast partner of gezinslid ook zorgverlener.

Gevolgen voor partner en huisgenoten
Bij veel activiteiten moeten de partner en eventueel andere huisgenoten rekening houden met degene die COPD heeft. Dit kan hen behoorlijk belasten. Waak ervoor dat huisgenoten niet overbelast raken. Het is erg zwaar om iemand met ernstig COPD alleen te verzorgen. Wanneer de partner of huisgenoten de verzorging niet meer aankunnen, kunnen zij zich schuldig gaan voelen. Dit is niet terecht. Met extra hulp is de verzorging vaak langer vol te houden. De partner kan zichzelf ook voorbijlopen, wanneer alles draait om de zorg voor de ander. Op de lange duur breekt dat mensen op. Partners hebben een uitlaatklep en regelmatig een adempauze nodig.

Seksualiteit
Ernstige lichamelijke klachten en benauwdheid kunnen het lastig maken om te vrijen. Ook de beleving van seksualiteit kan veranderen. Het beste is om er samen over te praten en oplossingen te zoeken. Het valt te overwegen om af te stappen van vaste gewoonten in het vrijen. Misschien is een ander tijdstip of een minder inspannende houding prettiger. U kunt ook vooraf medicijnen nemen om de klachten te verlichten. En u kunt uiteraard samen ook zoeken naar andere vormen van intimiteit.
 
Informeer uw omgeving
Vrienden, kennissen en collega’s schatten niet altijd in wat de gevolgen zijn van COPD.
Hoestklachten of kortademigheid kunnen u  belemmeren in uw werk, bij het sporten of tijdens andere vrijetijdsbesteding. Hierdoor kunnen bepaalde contacten wegvallen.
Daarnaast speelt onbegrip een grote rol. Mensen zien niet aan u dat u COPD heeft en misschien kost het u moeite om erover te praten. Hierdoor krijgt uw omgeving geen goed beeld van de klachten. Ze begrijpen niet dat u last heeft van de rook of 's ochtends moeilijk op gang komt. U zult zelf duidelijk moeten maken wat het inhoudt om COPD te hebben en dat uw klachten niet altijd even erg zijn. Anderen kunnen alleen steun geven als zij weten wat u wel en niet kunt.
 
Naar boven
 

Prikkels vermijden

Bepaalde prikkels zoals rook of parfum kunnen de klachten bij COPD verergeren. U doet er goed aan de prikkels waar u last van heeft zoveel mogelijk te vermijden.
Prikkels waar u last van kunt hebben zijn bijvoorbeeld:

  • tabaksrook 
  • de 'lucht' van een gasfornuis of geiser zonder afvoer 
  • bak- en braadluchtjes 
  • parfum 
  • de lucht van spaanplaat of isolatiemateriaal (formaldehydegas) 
  • de lucht van chloor en schoonmaakmiddelen (boenwas, terpentijn)
  • benzinedampen, uitlaatgassen van auto's 
  • drukinkt 
  • weersomstandigheden, zoals mist, regen, vochtig weer, sterke temperatuurswisselingen of koude lucht

U kunt het beste samen met uw arts of longverpleegkundige kijken welke prikkels u moet vermijden. Wanneer koude een rol speelt, kunt u 's winters voor het naar bed gaan de slaapkamer en het bed verwarmen. Ook kunt u mensen in uw omgeving vragen om niet in uw bijzijn te roken of parfum te dragen.

Vindt u het lastig om dit onderwerp bespreekbaar te maken? Het Astma Fonds heeft een 'begripsfolder' uitgebracht. Bestel hem online.
 Begripsfolder

 
Naar boven
 

Stoppen met roken?!

Gevolgen van straf rookgedrag blijven vaak jarenlang onzichtbaar. Als u een hand brandt of uw hoofd ergens tegenaan stoot, voelt u direct pijn. Maar COPD en andere gezondheidsschade door roken is meestal pas op lange termijn merkbaar. Bij COPD zijn uw longen onherstelbaar beschadigd. Stoppen met roken, voorkomt dat zij nog meer schade oplopen en dat klachten verergeren.

Heeft het nog zin?
 
Onderzoek wijst uit dat stoppen met roken zelfs op latere leeftijd nog zinvol is. Wie stopt rond de leeftijd van 60 jaar wint gemiddeld drie levensjaren vergeleken met iemand die blijft roken.
Stoppen met roken voorkomt dat de longen nog verder beschadigen. Het vermindert ook hoesten en benauwdheid. Stoppen heeft altijd zin, ongeacht hoe oud u bent of hoelang u al rookt!
 
Naar boven
 

Niet te genezen

Als het voor de arts duidelijk is dat u COPD hebt, is het zaak dat u zo goed mogelijk behandeld wordt. Hoewel COPD niet te genezen is, zijn de klachten met een uitgekiende behandeling te verlichten.

Wanneer er COPD bij u is vastgesteld zal de behandelend arts u regelmatig willen zien om te controleren hoe het met u gaat. Hoe vaak u voor controle bij de arts dient te komen hangt af van de klachten die u ervaart.

Wanneer u licht COPD hebt en uw klachten ongeveer gelijk blijven dient u minimaal één keer per jaar voor controle naar uw behandelend arts te gaan. Eén keer per drie jaar dient uw arts daarnaast uw ademvolume te meten.

Wanneer u matig of ernstig COPD hebt zal de begeleiding die u krijgt er anders uitzien en zult u vaker voor controle naar uw arts gaan. Samen met uw longarts of huisarts maakt u afspraken over hoe vaak u langskomt voor controle. Gewoonlijk zal dit elke drie tot zes maanden zijn. Vraag aan uw huisarts welke afspraken hij heeft gemaakt met de longarts (of aan de longarts welke afspraken hij heeft gemaakt met de huisarts). Spreek ook af of u bij klachten het beste naar de huisarts of naar de longarts kunt gaan. Regelmatig contact en goede afspraken met de behandelend arts zijn onder andere nodig omdat u met matig of ernstig COPD meer kans hebt om verschillende ziekten tegelijk te hebben en uw gezondheid daarmee meer risico loopt Bij mensen met COPD komt als ‘tweede ziekte’ hartfalen het meeste voor.

Waarom extra zuurstof?
Zuurstof is onontbeerlijk voor elke basisactiviteit in het lichaam, zoals het verbranden van voedsel en het ‘werk’ van spieren en hersenen. Bij deze activiteiten komen afvalstoffen vrij, zoals koolzuur.

De zuurstof die we inademen, komt via de longen in het bloed en gaat met het bloed naar de plaatsen waar energie nodig is. De longen zorgen er ook voor dat het overtollige koolzuur uit het bloed komt en uiteindelijk wordt uitgeademd. Mensen kunnen maar enkele minuten zonder zuurstof, daarna raken de hersenen onherstelbaar beschadigd. Hebt u (ernstige) COPD-klachten, dan gaat er minder zuurstof via de longen naar uw bloed. Het gevolg kan zijn dat er te weinig zuurstof in uw bloed komt. Als dat zuurstoftekort maanden duurt, kan de bloeddruk in de longen hoger worden (dit is een andere bloeddruk dan de huisarts kan meten aan de arm). Dit kan ervoor zorgen dat uw bloed nog slechter zuurstof opneemt. Daardoor kunnen problemen met het hart en andere organen ontstaan. Extra zuurstofgebruik kan deze problemen tegengaan of voorkomen.

Hoe weet u of u extra zuurstof nodig hebt?
Of u extra zuurstof nodig hebt, hangt af van de ernst van het zuurstoftekort in uw bloed. Uw longarts kan dit vaststellen met uitgebreid onderzoek. Klachten die mogelijk op een zuurstoftekort wijzen zijn kortademigheid, benauwdheid, onrust, moeite om in slaap te komen, hartkloppingen, verwardheid en sufheid. Zuurstoftekort veroorzaakt echter niet altijd kortademigheid en kortademigheid wordt niet altijd minder door extra zuurstof.
 
Wat is het doel van het zuurstofgebruik?
Het belangrijkste doel van de zuurstofbehandeling is dat uw levensverwachting toeneemt. Bovendien kunt u zich wellicht iets beter inspannen en raakt u minder snel vermoeid, waardoor u weer meer kunt doen. Dit merkt echter niet iedereen. Extra zuurstof kan dus voor een betere kwaliteit van leven zorgen. COPD is niet te genezen met extra zuurstofgebruik of andere middelen.
Lees meer over COPD op de site van het Astma Fonds.
 Alles over COPD
 
Naar boven
 
 
  31-7-2012 16:50
© MAX