Omroep MAX - text versie
|
|
|
|
|
|
Home > Omroep MAX > De stelling van Jan Slagter > Teleurstellende plannen voor publieke omroep
 

Omroep MAX

Teleurstellende plannen voor publieke omroep

Op 17 juni publiceerde de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mevrouw Van Bijsterveldt, haar Mediabrief.
Hierin zet zij uiteen hoe de uitwerking van het regeerakkoord er volgens haar uit moet zien.
Al sinds september 2010 weten we dat er een disproportionele bezuiniging is opgelegd aan de publieke omroep, maar het was nog niet duidelijk hoe de minister dat wilde doen. Ook stond er in het regeerakkoord er opnieuw gekeken zou worden naar de vorm van lidmaatschap en de samenwerking tussen omroepen. De plannen zoals de minister die nu ontvouwt, zijn echter zeer teleurstellend.
 

Verhoging Lidmaatschapsgeld

Omroepen met leden vormen volgens de minister het hart van het bestel en waarborgen de pluriformiteit. De minister wil om die reden de betrokkenheid van de leden bij de omroep vergroten. MAX is altijd al een actieve vereniging geweest voor haar leden dus tot zover kunnen wij ons vinden in de opmerkingen van de minister. De minister ziet echter als bewijs van die betrokkenheid dat mensen meer lidmaatschapsgeld gaan betalen en die conclusie vind ik onbegrijpelijk.
 
De verhoging die de minister namelijk voorstelt, van € 5,72 naar € 15 per jaar, maakt het sommige groepen in de samenleving wel heel moeilijk om lid te worden. Met name voor minder draagkrachtige Nederlanders, waaronder veel ouderen, en voor jongeren is 15 euro vaak teveel om lid te worden van een omroepvereniging. De minister sluit hiermee grote groepen van de samenleving uit voor de publieke omroep, wat volgens mij leidt tot minder betrokkenheid.
 
Het is tevens een misvatting dat de betrokkenheid van leden toeneemt als zij meer gaan betalen. Mensen worden lid van een omroep omdat zij zich herkennen in de missie en omdat zij weten dat hun lidmaatschap bijdraagt aan het verkrijgen van zendtijd.  Ik ben ervan overtuigd dat onze leden lid zijn geworden omdat wij hen serieus nemen en specifieke programma’s voor hen maken, een hogere bijdrage van hun kant voegt daar niets aan toe.
 

Fusies

De publieke omroep bestaat op dit moment uit 11 ledengebonden omroepen. daarnaast kent het bestel taakorganisaties (NOS en NTR) en 2.42 omroepen ( bijvoorbeeld de IKON, RKK en Human). De minister vindt dit teveel en heeft de publieke omroep zelf gevraagd om met een voorstel te komen wat betreft de toekomst van de publieke omroep. Maximaal 8 omroeporganisaties wil zij overhouden.
 
Met alle omroepen en de Raad van Bestuur zijn we tot een weloverwogen voorstel gekomen en we hebben dat in een brief aan de minister verwoord. De landelijke publieke omroep zou voortaan verder gaan volgens het 3-3-2 model: 3 gefuseerde omroepen, 3 niet-gefuseerde omroepen (waaronder MAX) en 2 taakorganisaties. De voorwaarden voor dit model waren dat de gefuseerde omroepen in zendtijd en budget substantieel meer zouden moeten krijgen en dat de niet gefuseerde omroepen voldoende budget en zendtijd moeten krijgen om een volwaardige speler te blijven. De minister heeft echter besloten wel mee te gaan met het 3-3-2 model maar ze wil niet aan de voorwaarden voldoen.
 
Dit heeft ertoe geleidt dat de fusieplannen op dit moment alweer in de ijskast staan. Een nieuwe dreiging hangt daarom in de lucht: gedwongen fusies. Volgens de minister kunnen alle omroepen met elkaar fuseren als dat moet. Ze gaat hiermee voorbij aan de missies van de omroepen maar vooral ook aan de 3,6 miljoen leden van de omroepen. 
 
 

Nieuwe Media

Tot slot maken wij ons zorgen over de toekomstvastheid van de publieke omroep. De minister gaat in haar brief uitgebreid in op de veranderingen in het medialandschap. Zo geeft zij aan dat door digitalisering het mediagebruik verandert en dat oude grenzen tussen voorheen gescheiden mediamarkten zoals televisie en internet vervagen. Aangezien de minister in dezelfde brief ook aangeeft dat de media, waaronder de publieke omroep, een fundamentele rol speelt in onze democratische samenleving, verwacht je daarna de conclusie dat ook de publieke omroep volop in moet spelen op dat veranderende mediagebruik. De werkelijkheid is echter omgekeerd. De minister concludeert in haar brief dat de publieke omroep moet worden beperkt in het gebruik van die nieuwe media, waaronder internet. Een onbegrijpelijke conclusie als je het mij vraagt. De publieke omroep moet op die plekken kunnen zijn waar ook het publiek zit. Wij hebben de plicht om alle Nederlanders te bereiken, via welk medium dan ook.
 
MAX zal er alles aan doen om de mooie programma’s voor uw te kunnen blijven maken  en we hebben uw steun daarvoor hard nodig.
 
Met vriendelijke groet,
Jan Slagter
 
 
  22-1-2013 09:58
© MAX